Verkeersregels — rijbaangebruik
Rijbaangebruik gaat over wáár je rijdt op de weg: welke strook, welke kant, hoe hard, en wanneer je mag inhalen, keren, parkeren of stilstaan. De regels lijken op elkaar maar de details verschillen per wegtype.
Plaats op de rijbaan
Hoofdregel: zo veel mogelijk rechts houden. Niet midden op de weg, niet op de linker rijstrook. Op een rijbaan met meerdere rijstroken in dezelfde richting blijf je rechts behalve om in te halen.
- Eén rijstrook → rij zo rechts mogelijk, niet op de doorgetrokken streep
- Twee of meer rijstroken (zelfde richting) → rechts rijden, links inhalen
- Bij druk verkeer in rijen mag je elke strook gebruiken (file)
- Op weg buiten bebouwde kom: spitsstrook geopend? Pas dán erop
Snelheden — alle limieten op een rij
| Wegtype | Personenauto | Met aanhanger |
|---|---|---|
| Woonerf (G05) | Stapvoets (~15 km/u) | Stapvoets |
| Bebouwde kom standaard | 50 km/u | 50 km/u |
| 30 km/u-zone | 30 km/u | 30 km/u |
| Buiten bebouwde kom (N-weg) | 80 km/u | 80 km/u |
| Autoweg (bord G3) | 100 km/u | 80 km/u |
| Autosnelweg overdag (06:00–19:00) | 100 km/u (landelijk sinds 16 maart 2020) | 80 km/u |
| Autosnelweg 's nachts (19:00–06:00) | 100 km/u standaard; 130 alleen waar borden dat nog aangeven (sinds eind 2024 zeldzaam) | 80 km/u |
Inhalen — links, met uitzonderingen
Inhalen doe je in principe links. Er zijn uitzonderingen waar het rechts mag of zelfs móet, en plekken waar inhalen verboden is.
- Links inhalen → standaard, op alle wegen
- Rechts inhalen mag bij → tram (altijd rechts), voertuig dat voorsorteert om linksaf te slaan, in een file naast je
- Op snelweg in een file mag rechts in te halen mits de file kruipt
- Bromfiets, scooter en fiets mogen op een fietspad of strook niet ingehaald worden door auto's
| Inhaalverbod | Waarom |
|---|---|
| Doorgetrokken streep tussen rijstroken | Niet oversteken = niet inhalen |
| Onoverzichtelijke bocht of heuveltop | Tegemoetkomend verkeer niet te zien |
| Bord F1 (inhaalverbod auto's) | Inhalen verboden, behalve langzaam verkeer |
| Vlak vóór een zebrapad | Voetgangers zouden niet gezien worden |
| Op een spoorwegovergang | Te risicovol |
| Bij een onoverzichtelijke kruising | Geen vrij zicht op kruisend verkeer (art. 11 algemene veiligheidseis + art. 5 WVW) |
Volgafstand
Volgafstand wordt gemeten in seconden, niet in meters. Een vuistregel: tel 'eenentwintig — tweeëntwintig' vanaf het moment dat je voorganger een bord passeert. Minder dan 2 seconden = te kort.
| Conditie | Aanbevolen volgafstand |
|---|---|
| Droog wegdek, daglicht | 2 seconden |
| Nat wegdek of schemering | 3 seconden |
| Sneeuw/ijs | 10+ seconden |
| Achter een vrachtwagen of bus (geen zicht) | 4 seconden |
Invoegen en uitvoegen op de snelweg
Op de invoegstrook pas je je snelheid aan aan het verkeer op de snelweg, zoek je een gat, en voeg je vloeiend in. Niet bruusk, niet stoppen — invoegen is bewegen.
- Op invoegstrook: snelheid opbouwen tot snelheid snelwegverkeer
- Snelwegverkeer is niet verplicht ruimte te maken (maar doet het meestal)
- Bij uitvoegen → tijdig naar rechts, richting aangeven, snelheid pas op de uitvoegstrook minderen
- Nooit stilstaan op de vluchtstrook tenzij pech
Keren en achteruit rijden
Keren of achteruit rijden mag alleen als het veilig kan en je geen ander verkeer hindert. Op snelwegen en autowegen mag het nooit.
| Locatie | Keren toegestaan? |
|---|---|
| Snelweg of autoweg | Nee — nooit |
| Kruising | Nee — verboden |
| Zebrapad of binnen 5 m ervoor | Nee |
| Brug, viaduct, tunnel, spoorwegovergang | Nee |
| D-bord dat een verplichte rijrichting voorschrijft (D4-D8) | Nee — tegenovergesteld |
| Rustige weg, goed zicht, geen ander verkeer | Ja, mits veilig |
Stilstaan en parkeren
Stilstaan is korter dan 3 minuten of voor het in-/uitstappen of laden/lossen. Parkeren is alles langer dan dat. De regels voor wáár het mag, verschillen sterk.
- Niet parkeren binnen 5 m van een kruising
- Niet parkeren op een fietspad, voetpad, busbaan, zebrapad
- Niet stilstaan binnen 12 m van een bord bushalte (art. 23e RVV)
- Niet parkeren waar bord E1 (parkeerverbod) staat
- Wel parkeren op een parkeerstrook (E4) of in een vak (E6/E8)
- Blauwe zone (E10) → parkeerschijf verplicht
Fietsstroken en busbanen
| Type | Mag auto erop? |
|---|---|
| Vrijliggend fietspad (rood asfalt) | Nooit |
| Fietsstrook (op rijbaan, onderbroken streep) | Alleen oversteken, niet rijden of parkeren |
| Fietsstrook (doorgetrokken streep) | Helemaal niet betreden |
| Busbaan | Alleen bus/tram/taxi (afhankelijk van bord) |
| Bus-/tramstrook | Hetzelfde — let op onderbord |
Spits- en plusstrook
Spitsstrook (vluchtstrook die in de spits open gaat) en plusstrook (extra strook links) worden aangeduid door matrixborden. Pas berijden als het bord het toelaat (groene pijl), niet als er een rood kruis staat.
- Groene pijl boven strook → mag berijden
- Rood kruis boven strook → strook gesloten, ga eraf
- Rode pijl schuin → wissel van strook (en wel meteen)
- Bij open spitsstrook gelden alle snelheidslimieten en regels van de normale rijbaan
Spoorwegovergangen
Een spoorwegovergang is een van de meest dodelijke locaties in het verkeer — een trein komt aan met 100+ km/u en kan niet stoppen. De regels zijn daarom streng en strikt te volgen.
| Type | Beveiliging | Wat doe je |
|---|---|---|
| AKI | Lichten + halve bomen + bel | Bij rood licht of bel = stoppen, ook als er geen trein in zicht is |
| AHOB | Lichten + volle bomen | Idem — bomen sluiten ook helemaal |
| Niet bewaakte overweg | Alleen Andreaskruis | Zelf links/rechts kijken en oversteken |
| Knipperend wit licht | Overweg in werking | Doorrijden mag — geen trein verwacht |
- Andreaskruis enkel (één kruis) → enkel spoor
- Andreaskruis dubbel (twee kruisen) → meervoudig spoor; let extra op tweede trein
- Bij rode lichten + bel: trein komt eraan of bomen gaan zo dicht
- Bij groen licht na rood: 10-15 seconden wachten, soms komt er nog een trein uit andere richting
Tunnels
In tunnels gelden specifieke regels rond verlichting, afstand en wat te doen bij pech of brand. Een ongeluk in een tunnel kan razendsnel escaleren — daarom gestandaardiseerde procedures.
- Bij inrijden tunnel → dimlicht aan (ook overdag, ook bij verlichte tunnel)
- Zonnebril af → in donker zie je anders te weinig
- Afstand houden → bij standaard 2 seconden, in tunnels minimaal 4 seconden
- Verkeerd ingereden → niet keren op rijbaan; volg vluchtbordjes in de tunnel
- Stilstand in tunnel → motor uit, sleutel in contact laten (zodat hulpdiensten kunnen verplaatsen)
- Pech of ongeval → noodtelefoon op de wand gebruiken (rechtstreeks naar tunnelbeheerder)
| Symbool in tunnel | Wat het is |
|---|---|
| Groene loopdeur met pijl | Vluchtdeur naar veilige zone — altijd open |
| Rode telefoon | Noodtelefoon — direct verbinding tunnelbeheerder |
| Brandblusser-pictogram | Brandblusser in nis |
| Knipperend oranje licht boven rijbaan | Stoppen / vertraging in tunnel |
Pechgevallen en stilstaan op de weg
Krijg je pech of moet je noodgedwongen stilstaan op een weg waar dat normaal niet mag (vluchtstrook, rijbaan): alarmlichten aan, gevarendriehoek plaatsen, en zo veel mogelijk veiligheid eerst.
| Wegtype | Gevarendriehoek op |
|---|---|
| Binnen bebouwde kom | 30 m achter het voertuig |
| Buiten bebouwde kom (N-weg) | 100 m achter |
| Snelweg | 100 m achter, áchter de vangrail |
Spookrijden — als jij het bent of er een tegenkomt
Spookrijden is rijden tegen de toegestane rijrichting in, vrijwel altijd op een auto(snel)weg. Eén verkeerde oprit, één gemist bord, en je rijdt frontaal op tegenliggers met 100+ km/u verschil. Dit is een vaste examenvraag — kandidaten verwarren wat te doen als jij het bent met wat te doen als je er een tegenkomt.
| Situatie | Wat doe je |
|---|---|
| Jij bent zelf spookrijder | Direct snelheid eruit, naar de berm of vluchtstrook, alarmlichten aan, motor uit, uitstappen (achter vangrail) en 112 bellen. NIET keren op de rijbaan. |
| Tegenligger-spookrijder in zicht | Rechts blijven, snelheid eruit, alarmlichten aan, claxon en grootlicht om hem te waarschuwen. Pas op de pechstrook gaan als het écht moet — daar parkeren spookrijders soms juist. |
| Waarschuwing op matrixbord (rood kruis + 'SPOOKRIJDER') | Rechter rijstrook, snelheid omlaag, niet inhalen, voorbereid op tegenligger op jouw rijstrook |
| Op radio gehoord (NPO Radio 1 / RTL Lokale info) | Idem. Locatie meestal nog niet helemaal exact — wees langer alert |
Master-overzicht snelheden
Snelheden zijn verspreid over hoofdstukken — hieronder alles in één tabel. Onthoud per rijtje: standaard limiet voor B-rijbewijs, en wat anders is bij aanhanger of bijzondere wegen.
| Wegtype | Auto (B) | Auto + aanhanger | Bromfiets | Snorfiets |
|---|---|---|---|---|
| Woonerf (G05) | Stapvoets ~15 | Stapvoets | Stapvoets | Stapvoets |
| 30 km/u-zone | 30 | 30 | 30 | 25 (max constructie) |
| Bebouwde kom standaard | 50 | 50 | 45 (bbk fietspad), 30 binnen erf | 25 |
| Buiten bebouwde kom (N-weg) | 80 | 80 | 45 (op fietspad/rijbaan) | 25 |
| Autoweg (G3) | 100 | 80 | Niet toegestaan | Niet toegestaan |
| Autosnelweg 06:00–19:00 | 100 (basis, hoger met bord) | 80 | Niet toegestaan | Niet toegestaan |
| Autosnelweg 19:00–06:00 | 130 (alleen waar bord aangeeft) | 80 | Niet toegestaan | Niet toegestaan |